Skip to content

Archief 2020

Arnon Grunberg – Bij ons in Auschwitz-Getuigenissen € 24,99

grunberg ausIn zijn inleiding schrijft Arnon Grunberg: “Je zou moeten zwijgen, je zou moeten verstommen, maar je mag niet zwijgen.” Bondskanselier Helmut Schmidt sprak in 1977 woorden van gelijke strekking bij zijn bezoek aan Auschwitz: “Eigentlich gebietet dieser Ort zu schweigen, aber ich bin sicher dass der deutsche Bundeskanzler hier nicht schweigen darf.
Auschwitz heeft bestaan, bestaat nog steeds, en er kan over gesproken worden; de vraag is alleen hoe. En door wie, wie mag spreken?, zoals de Hongaarse overlevende en schrijver Imre Kertész het verwoordde. Primo Levi probeert daar een antwoord op te vinden: “De ware getuigen zijn niet wij, de overlevenden. Dit is een moeilijke gedachte waarvan ik me geleidelijk bewust ben geworden, bij het lezen van de memoires van anderen en het herlezen van de mijne, jaren later. Wij overlevenden zijn behalve een heel kleine ook een niet-representatieve minderheid: we zijn degenen die door misbruik of handigheid of geluk het ergste niet hebben gekend. … de ‘muzelmannen’, de overweldigden, zijn de echte getuigen, wier getuigenis alles en allen zou hebben omvat. Zij zijn de regel, wij de uitzondering.”

Met Bij ons in Auschwitz – Getuigenissen geeft Grunberg de slachtoffers een stem door middel van deze verzameling overleveringen. Dat doet hij in vier, chronologisch geordende, delen: Aankomst, Bed, straf en selectie, Sonderkommando en Schuld, schaamte, wrok en verlangen. Op 27 januari gaven bekende Nederlanders als Sabri Saad El Hamus, Gijs Scholten van Aschat, Sonja Barend en anderen de slachtoffers letterlijk een stem door hun overleveringen voor te lezen in een uitverkochte Singelkerk in Amsterdam. In de pauze werd Kaddisj van Maurice Ravel indrukwekkend ingetogen opgevoerd door Marc Pantus (zang) en Maarten Hillenius (piano).

Vooral het derde deel, Sonderkommando, is erg aangrijpend. Grunberg stelt dat deze Joodse mannen wellicht het ergst van allemaal gestraft zijn, aangezien zij wisten dat zij hun vaders en moeders, hun partners, hun kinderen naar de gaskamers voerden, zij wisten waaruit de rook bestond die uit de schoorstenen kringelde. Ook wisten zij dat hun beurt zou komen: na vier maanden trof hen hetzelfde lot, waarna zij werden vervangen door een nieuwe ploeg.

Vaak is er enigszins denigrerend gesproken over de overweldigden. Waarom kwamen zij niet in opstand? Waarom lieten zij zich als makke schapen wegvoeren en doden? Volstrekte onzin natuurlijk. Zij die dit beweren zouden verplicht Bij ons in Auschwitz moeten lezen.
In het kamp hadden de minder ontwikkelde gevangenen het vaak eenvoudiger dan de intellectuelen. Ten slotte wisten zij van jongs af aan hoe gereedschap te hanteren. Meestal namen ze het leven voor lief zoals het kwam. Zij dachten niet na over de zin van dit alles, zoals de intellectuelen zich het hoofd braken over de werkelijkheid en hoe die toch tot stand was gekomen. Intellectuelen die nog nooit handarbeid hadden verricht. Ook de religieuze of politieke fanaten hadden een voordeel. Bij de eerste groep klonk het als ‘Gods wegen zijn ondoorgrondelijk,’ bij de tweede, die Auschwitz als uitwas van doorgeslagen kapitalisme beschouwde, klonk de boodschap dat de kameraden het gespuis straks zouden overwinnen en wraak zouden nemen, waarna het socialisme de mens eindelijk zou bevrijden.

Een voorbeeld van die eerste groep blijkt als de dajan (hulprabijn) een groep Joodse sonderkommando’s toespreekt voordat zij naar het crematorium worden geleid:

“Broeders! Volgens Gods ondoorgrondelijke raadsbesluit moeten we nu onze laatste tocht aanvaarden. Een wreed en gruwelijk lot heeft ons gedwongen mee te werken aan de uitroeiing van ons volk, voordat we nu zelf tot as vergaan. Er is geen wonder gebeurd. … Met Joodse gelatenheid moeten we nu in het onherroepelijke berusten. Het is de laatste beproeving die de hemel ons heeft gezonden.”

In het laatste deel maakt vooral De noodzaak en onmogelijkheid Jood te zijn, door Jean Améry (pseudoniem van Hans Mayer) indruk. Het kwaad is volgens hem nog alom aanwezig, waarbij hij voorbeelden geeft van landen waar antisemitisme weer schering en inslag is. In deze wereld kan hij zich niet meer thuis voelen en in 1978 pleegt hij op 66-jarige leeftijd zelfmoord.
M.S. Arnoni probeert het kwaad te duiden zoals bepaalde groepen dat zien: “Daar moet ergens anders naar gezocht worden, buiten je eigen kring. Het moet ergens zijn op een plaats waar jij geen deel van uitmaakt. Het kan alleen bestaan bij andere mensen, godsdiensten, rassen, talen, zeden, gewoonten. Zelfs in het gunstigste geval zijn ze overbodig. De wereld zou het best zonder hen kunnen stellen.” Lui die zo denken, daarvoor moet je oppassen.

Arnoni ten spijt is de openlijke uiting van ‘het kwaad schuilt in de ander’ tegenwoordig gemeengoed, zelfs in de politiek, zonder enige gêne. En evenals toen, bijna een eeuw geleden, sluiten mensen zich maar al te graag aan bij predikanten van dergelijke simpele voorstellingen van zaken. In die zin is er, met de woorden van Hans Mayer, helaas weinig veranderd.

© Eus Wijnhoven, januari 2020

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier!

 

 

Carys Davies – West € 18,99 

daviesBegin negentiende eeuw. Cy Bellman, als twintiger met zus Julie en zijn vrouw Elsie geëmigreerd vanuit Engeland naar de VS, leest een artikel in de krant wat hem het hoofd op hol doet slaan: er zijn reusachtige botten gevonden van nog niet eerder bekende dieren. Incognitum wordt zo’n beest genoemd. Wellicht bestaan deze, naar verwachting schuwe, dieren nog ergens in Kentucky. Uit nieuwsgierigheid gedreven besluit Cy ze op te gaan sporen. Zijn inmiddels tienjarige dochter Bess laat hij achter bij zijn kille zus Julie (de moeder van Elsie is acht jaar daarvoor overleden).
Julie vindt het maar niets. Haar vriendin Helen Lott evenmin:

“Ze had vaker gezien dat mannen van Cy’s leeftijd zich zo gedroegen.”

Tegenwoordig zouden we het een midlife crisis noemen. Een onterechte inschatting van de situatie. Cy is nieuwsgierig als een klein kind, vol verwondering. Zonder types als Cy was er veel voor onze ogen verborgen gebleven.

Onderweg naar het westen krijgt de roodharige onderzoeker de zestienjarige Indiaanse jongen Oude Vrouw in de Verte als gids mee. Wat hij niet weet, is dat het zusje van de jongen door een roodharige blanke is verkracht. De twee kunnen niet met elkaar communiceren, aangezien de jongen geen vreemde talen spreekt. Er sluimert een gevoel van gevaar, niet alleen door het ontoegankelijke terrein dat de reisgezellen veroveren, maar ook vanwege de gebeurtenis met het zusje van Oude Vrouw in de Verte.
Bess ondertussen verzorgt de paar muildieren van de armzalige boerderij die Cy heeft achtergelaten. Julie is een allesbehalve warme pleegmoeder. Daarnaast heeft buurman Elmer Jackson niet veel goeds in de zin. Steeds vaker komt hij Bess en Julie helpen, maar wat zijn werkelijke motieven zijn, laat zich raden.

De zoektocht van Cy levert mooie beschrijvingen van de natuur op. Als een ware Von Humboldt ploegt de roodharige voort, op zoek naar het onbekende. Na jaren eist dat zijn tol. Als Oude Vrouw in de Verte vervolgens met gevaar voor eigen leven op zoek gaat naar Bess, komt hij net op tijd om een misdaad te verijdelen.

West is een prachtig gedoseerd ontdekkingsverhaal in de trant van Butcher’s Crossing (John Williams). “Een verhaal dat je naar de strot grijpt,” zoals The Irish Times terecht opmerkt.

© Eus Wijnhoven, januari 2020

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier!

 

Arnon Grunberg – Bezette gebieden 24,99

grunbergIn Bezette gebieden keert psychiater Oscar Kadoke (EW: klemtoon op laatste lettergreep, als oké) uit de roman Moedervlekken (2016) terug. Na toepassing van zijn alternatieve geneeswijze op de suïcidale Michette is Kadoke uit het ambt ontslagen. ‘Je zult hier spijt van krijgen, Kadoke,’ zegt Michette. Zij heeft haar verhaal aan een gevierd schrijver verkocht; de roman Walvisch en de therapie die daaruit resulteert breekt Kadoke’s carrière. Noodgedwongen vult hij zijn dagen daarna met de zorg voor moeder. Moeder is een man die zich uit verdriet na de dood van zijn vrouw in haar heeft getransformeerd. Nu besluit hij weer als vader door het leven te gaan. De band tussen de twee kenmerkt zich door gemopper (vader vraagt zijn zoon keer op keer hem dood te maken) en door affectie (Kadoke omhelst vader te pas en te onpas). Ten gevolge van het schandaal rondom de behandeling van Michette durft Kadoke zich nog nauwelijks op straat te vertonen.

“Nu hij zich niet meer met potentiële zelfmoordenaars hoeft bezig te houden en vader redelijk stabiel is, overvalt de leegte hem. Een leven zonder zelfmoordenaars blijkt tamelijk ellendig. Dat leven voelt als een woestijn.”

“Ergens weet hij dat hij moet wennen aan zijn nieuwe rol van schurftige, van uitgestotene, de psychiater die zich onwaardig gedroeg en die nu geen psychiater meer mag zijn.”

Op zeker moment staat Anat voor de deur, een jonge promovenda in de wiskunde, die zich voorstelt als achter-achter-achternicht van moeder. De Joods-orthodoxe vrouw woont in een nederzetting in de door Israël bezette gebieden. Zij weet Kadoke over te halen haar daar op te zoeken. Daarin ziet de gewezen psychiater een uitweg en niet lang daarna betrekt hij met vader een smerige caravan in de nederzetting.
De vriendinnen van Anat zijn opgetogen; al jaren hebben zij gebeden dat Anat een man zou vinden, een man die haar zonen zal schenken. In Kadoke zien zij de Verlosser. Als hij ook nog eens terloops opmerkt dat hij de verloofde van Anat is, is er geen weg terug. Oscar doet halfslachtige pogingen om het teken van God te ontkrachten, maar geeft zich uiteindelijk aan de verwachtingen over en huwt Anat, echter niet nadat hij door Anats moeder is getest (een hilarisch staaltje Grunberg!).

“Luister, Kadoke,’ zegt ze, ‘ik hou niet van je, en ik denk niet dat ik ooit van je zal gaan houden en jij houdt wel van me, dat heb je gezegd, maar ik wil een gelijkwaardig huwelijk, dat kan alleen als we allebei niet van elkaar houden, dus ik wil je vriendelijk verzoeken op te houden met die liefde van je. Ik vind die liefde van jou eigenlijk niet zo prettig. We zullen trouwen en kinderen krijgen als de Eeuwige het wil, maar ik moet die liefde van je echt niet. Sorry.’”

Voorwaar niet de meest stabiele basis voor een goed huwelijk. De bizarre wijze waarop Anat seks wenst te bedrijven, doet een extra duit in het zakje. Een gelukkig huwelijk is het dan ook niet, en zal het nooit worden.
Zowel Kadoke als vader wennen aan hun situatie, al begint de ledigheid van hun nieuwe bestaan steeds zwaarder te drukken op de gewezen psychiater. Als hij de kans krijgt om docent te worden op een seculiere school, grijpt hij die met beide handen aan: hij wordt dramadocent. Anat gruwt ervan, zij verwijt hem dat hij toekomstige terroristen gaat opleiden.

“De waarheid van elk conflict is het om uitgeroeid worden of niet uitgeroeid worden. Maar jij denkt dat je daarvoor te beschaafd bent, te beschaafd voor de waarheid, dat je erboven kunt staan, dat je de waarheid kunt overwinnen.”

Op school wordt Kadoke gezien als een vredesverstoorder: mensen houden van hem of ze haten hem. De collega die hem dit allesbehalve subtiel meedeelt, blijkt een eigen agenda te hebben, en voordat Kadoke beseft wat er gebeurt pleegt hij overspel, een relatie waarin hij zich misschien wel voor het eerst echt gekend voelt. Daarop treft Anat haar maatregelen.

Bezette gebieden
 is een vervolg op Moedervlekken, maar je kunt het boek prima als losse titel lezen. Tijdens een interview op 12 januari in Den Haag gaf Grunberg aan dat uiterlijk 2022 het slotdeel van de trilogie zal verschijnen. Ik kan niet wachten!

© Eus Wijnhoven, januari 2020

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier!

 

Miklós Bánffy – Te licht bevonden € 27,50

190520_TeLichtBevonden_Voor.inddGraaf Miklós Bánffy (1873 – 1950) werd geboren in een van de machtigste families van het toenmalige Transsylvanië, dat tegenwoordig bij Roemenië behoort. Zodoende kende hij het wel en wee van de adel uit die tijd als geen ander: De edellieden vermaken zich met de jacht of redden hun eer door te duelleren. Zij reppen zich van bal naar bal, waar copieuze maaltijden worden gevolgd door een diner dansant tot het moment dat de zon weer opkomt. Die gelegenheden zijn tevens de ontmoetingsplek voor huwbare jongelui.
De aristocraten beheerden en beheersten het dagelijkse leven door middel van werkverschaffing op hun uitgestrekte landerijen, maar ook via de politiek. Protagonist van de Transsylvaanse trilogie is graaf Bálint Abády, een personage dat deels op Bánffy zelf is geënt. In het eerste deel van de Transsylvaanse trilogie, Geteld, geteld, komt Abády rond 1905 op voor de boerenstand. Transsylvanië, dat in die jaren onderdeel vormt van de Dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije, is het vijfde wiel aan de wagen. Abády begeeft zich in de politiek, zoals ook Bánffy zelf (hij was onder andere diplomaat en Hongaars minister van Buitenlandse Zaken). Daarnaast zet hij zich in voor de artistieke ambities van zijn adellijke neef László Gyeröffy, die in de familie op weerstand stuiten. Terwijl Abády zijn best doet het populistisch extremisme dat in die tijd de kop opsteekt te bezweren, belandt László in de goot: hij zuipt zich iedere avond klem en vergokt zijn hele (en andermans) vermogen.

In het tweede deel van de trilogie, Te licht bevonden, zijn twee hoofdthema’s te onderscheiden: politiek en ‘de’ liefde. Bánffy schetst met kennis van zaken de ontwikkelingen in de Dubbelmonarchie. Hoe verschillende etnische groeperingen steeds nationalistischer worden. Apponyi’s omstreden schoolwetten (wet XXVII, 1907), voorgesteld door Minister van Eredienst en Onderwijs Albert Apponyi van de conservatieve Onafhankelijkheidspartij, zijn daar een voorbeeld van: als er twintig of meer Hongaarse kinderen op een school zitten, moet daar verplicht onderwijs in de Hongaarse taal worden gegeven. Bálint probeert juist het algemeen belang voor ogen te houden. Hij wil de landbouwpolitiek hervormen, opdat Roemeense keuterboertjes niet meer worden uitgeknepen door Roemeense banken. Ook vraagt hij aandacht voor versnippering van de landbouw ten gevolge van verdeling onder alle erfgenamen. Waarom niet de homestead-aanpak van de Amerikanen kopiëren waarbij alle land naar de oudste mannelijke nazaat gaat? Zijn voorstellen getuigen van moed en van visie, ook al zijn ze in deze tijden van polarisatie misschien niet meer zo kansrijk. Abády klampt zich vast aan de waarden die hij van zijn grootvader heeft geleerd:

“Dat onze voorouders veelal in leidinggevende posities terechtkwamen, is ook niet verrassend, dat lag zo in de lijn van hun maatschappelijke positie, bezit en familiecontacten. Van tevredenheid kan pas sprake zijn als iedereen zijn opdrachten en verplichtingen naar behoren heeft vervuld. … Hoogmoedige familietrots is echter lachwekkend en schadelijk. Slechts in één geval kan het een krachtbron zijn, – en daar heb ik veel over nagedacht. Eigendunk helpt ons alleen als die niet naar buiten, maar naar binnen is gericht, alleen voor eigen gebruik.”

Het gros van de parlementsleden denkt echter vooral aan de eigen positie, zelfzuchtigheid neemt de overhand en men verliest het grote politieke geheel uit het oog. In meerdere regio’s steekt populisme de kop op, met valse bezweringen die het volk angst inboezemen. De populariteit van de populisten groeit, waardoor verdere versnippering optreedt. Eenmaal in de regering maken zij geen van hun beloften waar.

Het tweede thema is dat van de liefde. Al in Geteld, geteld kon je lezen dat Bálint smoorverliefd was op Adriënne, een ravissante schoonheid die echter met Pál Uzdy is getrouwd. Naarmate Uzdy steeds vaker agressief en gestoord gedrag vertoont, weet Abády haar langzaam maar zeker naar zich toe te trekken. Stiekem ontmoeten zij elkaar op de grens van hun beider landgoederen. Gravin Róza Abády, moeder van Bálint, ziet dat met lede ogen aan en informeert haar zoon dat als hij ooit voor die verdorven del zal kiezen, zij alle banden met hem zal verbreken. Toch zetten beide verliefden hun gevaarlijke spel voort en werken toe naar een scheiding, opdat Adriënne Bálint een zoon zal schenken. Daarna zal gravin Abády het stel vast weer in haar armen sluiten.
Ook László Gyeröffy wordt verliefd, tegen beter weten in. Hij wordt uit de goot gevist door de mooie en rijke weduwe gravin Lázár. Ze neemt hem mee naar haar kasteel en in de maanden daarna groeit hij weer uit tot de beschaafde man die hij ooit was. Eén enkele opmerking van een vroegere ‘vriend’ doet hem echter wankelen. Zijn al Lázárs goede zorgen voor niets geweest?

De schrijver Bánffy wordt vergeleken met Tolstoj en Proust. Ook Couperus en Musil kun je hieraan toevoegen. Het wemelt van de personages, die tijdens de vele gala’s aanschuiven. De kleding en uitrusting van allen wordt minutieus beschreven. Dat Bánffy van vele markten thuis is, blijkt ook uit de beschrijving van paarden, de jacht en de natuur. Een heerlijk boek! Tip: lees direct daarna Kameraad Baron, van Jaap Scholten. Hij beschrijft de Transsylvaanse adel aan de hand van interviews met verarmde nazaten van die grootse lieden. Ook met Bánffys. Daarmee duidt hij de boeken van Bánffy, die je daarna nog meer zullen aanspreken!

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier!

 

Gert-Jan van den Bemd – Na de val € 19,99

DrukwerkHilde Nauta is twee dagen na de geboorte van dochter Sofie aan een hersenbloeding overleden. Vader Ward, de zevenjarige Max en baby Sofie blijven in de Dudoklaan wonen. Van een harmonieus gezin is geen sprake. De relatie tussen Ward en Max is ronduit vijandig, broer en zus zijn vreemden voor elkaar. Max verlaat het huis dan ook direct na zijn achttiende verjaardag. Sofie blijft alleen achter met Ward. Als ook zij besluit op zichzelf te gaan wonen, weet Ward niet hoe snel hij een ander appartement moet betrekken. De woning aan de Dudoklaan houdt hij aan. Als Ward op 56-jarige leeftijd volkomen onverwacht overlijdt, staat Sofie er alleen voor: twee huizen dient zij leeg te ruimen, het huis waarin zij is opgegroeid en het appartement waar Ward de laatste jaren heeft gewoond. Max werkt voor de VN in New York City en is niet van plan naar Nederland te komen.

Ward, bij leven hoogleraar, heeft altijd gezegd dat zijn imposante boekenverzameling na zijn dood aan de universiteitsbibliotheek geschonken moet worden. Sofie wil de collectie bijeen houden en neemt contact op met Camiel, hoofd van de universiteitsbibliotheek. De man laat de boeken ophalen, maar de volgende dag belt hij haar: of ze direct naar de universiteit wil komen. Daar wacht Sofie een onaangename verrassing.

De korte hoofdstukken in Na de val beginnen allemaal met de beschrijving van een tekening die Sofie maakt. Ooit ging zij studeren aan de kunstacademie, maar is daar van afgestuurd omdat haar werk te realistisch was. Inmiddels staat zij bij café De Branie achter de bar. Tekenen doet ze nog steeds graag. De tekeningen aan het begin van de hoofdstukken zijn als het ware een beeld van de tekst die volgt. “Het geschreven woord heeft zijn beste tijd gehad, met beelden kun je veel beter uitdrukken wat je wilt zeggen… Beelden zijn eenduidiger dan woorden.” Maar is dat wel zo, Sofie? “Nu weet ik dat mijn ideeën onzinnig waren. Beelden zeggen niets, net zo weinig als woorden. De waarheid wordt niet bepaald door wat we uiten, maar door wat we verzwijgen.”

Wat heeft zich afgespeeld rond de dood van Hilde? Waar is het fout gegaan tussen Max en Ward? En wat had dokter Brouwer te verbergen nadat hij de doodsoorzaak van Ward had vastgesteld? Hoe dieper Sofie in het verleden van haar ouders duikt, hoe verder zij de druk opvoert op toenmalige vrienden van haar ouders; iedere keer wanneer zij haar doel eindelijk heeft bereikt wordt ze afgescheept met de loze woorden ‘maar jullie moeten samen verder.’ Jullie, zij en Max.

Na de val is het verhaal van onverwerkte verledens. Nauwkeurig gedoseerd presenteert Van den Bemd details die de werkelijke geschiedenis ontleden. Daarbij krijgt het mysterieuze omslag ineens betekenis. Het boek is een knap geconstrueerde pageturner!

Gert-Jan van den Bemd zal op zaterdag 25 januari worden geïnterviewd door Eus Wijnhoven in café Vanouds De twee kruikjes, Molslaan 5, Delft; aanvang 15:00 uur, toegang gratis.

© Eus Wijnhoven, januari 2020

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier!

Maja Lunde – De geschiedenis van de bijen € 19,99

lundeIn De geschiedenis van de bijen vervlecht Maja Lunde (Oslo, 1975) op kundige wijze drie verhalen met betrekking tot bijen. Allereerst het verhaal van Tao, district 242, Shirong, Sichuan. Het speelt zich af in 2098. Tao bevrucht bloesem: aangezien er geen bijen meer zijn, bestuiven arbeidsters met een fijn penseeltje de bloesem van vruchtbomen. Tao werkt meer dan 350 dagen per jaar in de hoop iets op te kunnen bouwen voor haar enige zoontje Wei-Wen. De jongen is een verwend nest en manipuleert moeder Tao en vader Kuan, zelfs al is hij nog maar drie jaar oud. Tijdens een picknick verliezen de ouders de jongen even uit het oog. Als zij hem weer vinden, blijkt hij buiten bewustzijn. Het is een raadsel wat er met het kind is gebeurd.

Het verhaal van William speelt zich af in 1852, in Maryville, Hertfordshire, Engeland. Nadat William maandenlang ten gevolge van een zware depressie in bed heeft doorgebracht, weet zijn enige zoon Edmund (zeventien jaar) hem middels een boek over bijen van de Nederlandse natuuronderzoeker Jan Swammerdam (1637 – 1680) weer te inspireren. Wonder boven wonder knapt de man op. Samen met dochter Charlotte stort hij zich op de bijenteelt: de rieten ruif waarin tot dat moment bijen worden gehouden, is een onding. William ontwerpt een verbluffend efficiënte bijenkast waarmee hij de wereld versteld zal doen staan. Of toch niet?

Het derde verhaal is dat van George, Autumn Hill, Ohio, VS. Het speelt zich af in 2007. George is professioneel bijenhouder en heeft honderden bijenkasten in de regio staan. De bijen bevruchten de bloesem van de vruchtbomen in de staat en garanderen zo een rijke oogst. Daarnaast gaat hij regelmatig met zijn bijen en route, bijvoorbeeld naar Californië om daar landbouwers bij te staan met zijn bijen. Ooit hoopt hij zijn bedrijf over te doen aan zoon Tom (vijfentwintig jaar), maar die heeft heel andere plannen. En dan slaat het noodlot toe: de Collaps, een mysterieuze bijensterfte die zich in de jaren daarna over de wereld verspreidt.

In de verhalen van William en George is er een conflict tussen vaders en zonen. Zij doen er alles aan voor ‘hun jongen’ iets op te bouwen, maar zowel Edmund als Tom hebben hele andere plannen. In 2098 verdwijnt de zoon in het verhaal al na een tiental pagina’s, waarop Tao een wanhopige zoektocht begint. Op natuurlijke wijze weet Lunde de drie verhalen ineen te vlechten tot een logisch geheel, een prestatie van formaat. De geschiedenis van de bijen is deel 1 van het zogenaamde klimaatkwartet waarin Lunde werkt. Zonder belerend te zijn, maakt zij duidelijk hoe belangrijk het is klimaatverandering serieus te nemen. Overigens zou Het verhaal van de bijen een betere vertaling zijn dan De geschiedenis van de bijen, want verhaalt hier juist hoe het zo ver heeft kunnen komen.

Zowel in Duitsland, Engeland als in Noorwegen stond het boek wekenlang op nummer 1 in bestsellerlijsten. Inmiddels is het tweede deel, De geschiedenis van het water, in het Duits en Engels vertaald.

© Eus Wijnhoven, januari 2020

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier!

Margaret Atwood – The Testaments € 19,99

Atwood-Testamenten@2.inddThe Testaments is een vervolg op The handmaids tail (Het verhaal van de dienstmaagd). Het verhaal van de Dienstmaagd is een dystopische roman die zich afspeelt in Gilead, de vroegere VS. Ten gevolge van radioactieve straling, genmutatie en chemische verontreiniging is een groot deel van de Amerikanen onvruchtbaar geworden. Een groep christenfundamentalisten pleegt daarop een staatsgreep en sticht de monotheïstische staat Gilead.

Om de toekomst veilig te stellen, worden jonge vrouwen opgepakt die kinderen hebben gebaard. Die vrouwen gaan voortaan volledig in het rood gekleed en verworden tot broedmachines. ‘Aunt Lydia’ speelt een belangrijke rol als hoedster van de regels in Gilead. Er ontstaat echter een tegenbeweging: MayDay, mensen die informatie van binnenuit ontvangen en daarmee naar buiten treden. Die de wereld er op willen wijzen hoe verderfelijk deze sekte is.

At the end of the Handmaid’s tale, readers had no way of telling what lay ahead. With The Testaments, the wait for answers is over,” Aldus Atwood.

In The Testaments spelen drie verhaallijnen. Die van de tiener Daisy die infiltreert in Gilead, Agnes, een jonge vrouw die in de bekrompen gemeenschap opgroeit, en ‘Aunt Lydia’. De laatste heeft een geheel andere agenda dan velen denken. The Testaments is een hoopvoller boek dan The handmaid’s tale.

In een interview (november 2019) zei Atwood: “Twitter is geen schrijven, het is signalen uitzenden.” Zij doet dat – tot mijn verbazing – veel. In 1984 woonde de schrijfster in Berlijn, waar ze The handmaid’s tail heeft geschreven. In de jaren tachtig van de vorige eeuw werden steeds meer vrijheden teruggedraaid. “It scares me. They know what people are likely to do when they have all the power.”

Voor beide boeken put Atwood uit de realiteit. “So that no one can blame for having a sick mind.”

Haar boeken hebben geresulteerd in een nieuw fenomeen: vrouwen kleden zich in rode mantel en witte kap tijdens protestmanifestaties waarbij aandacht wordt gevraagd voor de rechten van de vrouw. Iets waar Atwood trots op is. Het interview besluit zij met de woorden:
“Always keep in mind:
‘Is it true?’
‘Is it relevant?’”

The Testaments is een prachtig verhaal, waarin ‘het’ eindelijk goed komt. Atwood schrijft met zwier, brengt humor in zwarte episodes. Haar pen kan nauwelijks geëvenaard worden door andere schrijvers (m/v). Lezen dus!

© Eus Wijnhoven, januari 2020

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier!