Skip to content
Geplaatst op 10 november 2018

Uit het (boekhandels/lezers) hart gegrepen

Studenten die Tolstoj lezen

Column Harald Merckelbach over de ontlezing van studenten: ‘Waarom zou je überhaupt boeken lezen?’

Een collega van een Randstedelijke universiteit vertelde me onlangs dit. Ze was aan het surveilleren bij een tentamen. Een van de vragen luidde of bij een bepaald instrument “de betrouwbaarheid of de validiteit in het geding is.” Veel handen gingen de lucht in. Studenten wilden weten wat “in het geding” betekent. Ze kenden het hele begrip niet. Best mogelijk dat dit veelbelovende studenten waren, maar de vraag dringt zich wel op waarom hun woordenschat zo tekort schoot.

Een voor de hand liggende reden is dat studenten steeds minder boeken lezen. Dat is wat ze bij mijn favoriete boekhandel zeggen. Hun winkel – voor de liefhebbers: De Tribune – ligt hartje Maastricht en behoort tot de best gesorteerde boekhandels van het land. Iedereen mag er binnenlopen en boeken komen bekijken. In de winter staat de potkachel gezellig te snorren en het is geen probleem als je er op je dooie gemak wat rondlummelt. Praten over boeken mag ook. Graag zelfs. Nederlandse, Engelse, of Duitse boeken kopen kan zeker. Om het geld hoef je het niet te laten. Voor minder dan de prijs van een pizza neem je een mooi boek mee naar huis. Toch bezoeken vooral dertigplussers de zaak. Er gaan dagen voorbij dat we hier geen student zien, zeggen de boekverkopers.

Waarom zou je überhaupt boeken lezen? Grofweg is 70% van wat je leest binnen een dag al niet meer uit het geheugen oproepbaar. Dan hoor je jezelf op een feestje zeggen dat je boek X magnifiek vond. Maar een recensie met meer diepgang geven stuit al snel op al die problemen – vervaging, verval, interferentie – waarover geheugenpsychologen praten zodra ze het over het moeras van de vergetelheid hebben.

Daar staat iets tegenover: ook al vergeet je de details van een boek, het lezen ervan verbetert je taalvaardigheid. Door te lezen vergroot je je woordenschat en grammaticale behendigheid. Vooral het lezen van literaire fictie is een krachtige voorspeller van hoe goed jongeren presteren op tests die vocabulaire meten. Hoe meer je leest, hoe makkelijker je teksten gaat begrijpen, maar ook: hoe beter je zelf gaat schrijven. Als academici geacht worden één ding redelijk te beheersen dan is het schrijven: beleidsnota’s, vonnissen, notulen, verwijsbrieven, wetsteksten en zo meer. Cursussen in academisch schrijven kunnen studenten onmogelijk van deze – excusez le mot – competentie voorzien. Daarvoor zijn zulke cursussen te incidenteel. Er is maar één begaanbare route naar duidelijk schrijven en dat is veel lezen.

 

NRC 10-11-2018