Skip to content

Archief 2024

John Jansen van Galen – Fiasco van goede bedoelingen (Nederland en de Indonesische onafhankelijkheid) € 24.99

Een jaar voordat het spraakmakende Revolusi (David van Reybrouck) verscheen, schreef voormalig journalist John Jansen van Galen een verhelderend boek over de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië. Anders dan in Revolusi, dat naast historische bronnen is gebaseerd op persoonlijke overleveringen, gaat Jansen van Galen vooral uit van archieven die vijftig jaar na de onafhankelijkheid zijn vrijgegeven door de Nederlandse staat. Zo citeert hij regelmatig uit diplomatieke verslagen en maakt hij inzichtelijk hoe in politiek opportunisme en partijbelangen het algemeen welzijn van de Nederlandse en – veel meer – de Indonesische bevolking slechts een bijrol speelden. Ook ontkracht hij drie veel gedeelde mythes:

Nederland verzette zich tussen 1945 en 1949 hardnekkig en gewelddadig tegen dekolonisatie van Indonesië.

In 1942 gaf koningin Wilhelmina vanuit Londen in een radiotoespraak al aan dat Nederland aan de slag ging met die dekolonisatie. Dat de gewenste afwikkeling daarvan anders is gelopen dan toen werd voorzien, is een bijzaak.

De soevereiniteitsoverdracht van 1949 was een debacle voor Nederland.

Jansen van Galen toont glashelder aan dat dit allesbehalve het geval was. Zowel de Britse als – vooral – de Amerikaanse autoriteiten drongen erop aan dat Nederland concessies deed bij de overdracht. Zij beseften dat de ‘Republik’ zich niet aan afspraken hield, maar was bang dat Indonesië in de armen van het communisme zou worden gedreven. In de naoorlogse jaren was Nederland afhankelijk van Marshallhulp, dus de wens van de VS was belangrijk om rekening mee te houden.

Nederland heeft in 1962 de Papoea’s, aan wie het na de Indonesische onafhankelijkheid zelfbeschikkingsrecht beloofde, lelijk in de steek gelaten.

Met name deze laatste stellingname is interessant als je ook het relaas van de familie Kaisiepo (Een Perspectief op Papoea) hebt gelezen. Vader Kasiepo was een van de twee leidsmannen van Papoea die begin zestiger jaren in Delft in ballingschap zijn gegaan. Daarover hebben dochter Gerda en zoon Herman mij hun interpretatie van die gebeurtenissen verteld. Overigens waren zij begin zestiger jaren kleine kinderen en kennen zij de verhalen uit overlevering van hun vader.

Met Fiasco van goede bedoelingen heeft John Jansen van Galen een uitstekend relaas geschreven van hoe Nederland haar ‘Insulinde’ moest prijsgeven. Bovendien is het een handleiding voor de diplomaat-in-de-dop. Chapeau!

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier!

©Eus Wijnhoven, maart 2024

De Chabotten – Gezinsverpakking

In al haar wijsheid heeft het CPNB de opdracht voor het schrijven van het Boekenweekgeschenk 2024 toegewezen aan een familie. Die familie telt ook nog eens vier auteurs, mannen die ieder staan voor een eigen stijl en genre. Pater familias Bart is bekend als dichter, oudste zoon Sebastiaan is de meest literaire van het stel, Maurits de serieuze non-fictie man en Splinter ten slotte … nou ja, die is vooral van lichtheid en pauwengedrag. Ieder van dit pallet aan schrijvers heeft een eigen publiek. In die zin is de keuze voor De Chabotten een slimme zet. En de bijdrage van de twee leden van het gezin die niet eerder iets hebben gepubliceerd, moeder Yolanda en benjamin Storm, neem je maar voor lief.

Gezinsverpakking is dan ook een ratjetoe aan stijlen. Yolanda is met haar korte intermezzo’s Mamastippen het cement dat de stenen bij elkaar houdt. Van Bart had je een hoger niveau verwacht en Sebastiaans bijdrage is, zoals verwacht, wellicht de meest literaire. Maurits legt vast, zoals hem betaamt. Splinter schrijft met zwier, maar toont ook zijn gevoelige kant in de stem van hond Bril. Storm? Bekijk zijn bijdrage met mededogen, besef dat de meeste beginnend schrijvers ‘en toen, en toen’ meesters zijn.

Dat de familie Chabot geen doorsnee gezin is, wordt in alle bijdragen duidelijk. Wellicht beschouwen hun buurtgenoten hen in een milde bui als ‘vreemd’. In huis is het een grote dump. Worden er daarom geen bezoekers toegelaten? Wat echter vooral beklijft is de vrees voor de toekomst. Of, zoals Yolanda op de eerste pagina schrijft:

“Als je ouder wordt, verandert alles. Niets blijft.”

Het Boekenweekgeschenk vormt daarop een uitzondering gezien de talloze verzamelaars van deze cadeautjes aan de lezer. Vergelijk het Boekenweekgeschenk van 2024 niet met dat van eerdere jaren, zoals de bijdragen van Esther Gerritsen, Annejet van der Zijl of Ilja Leonard Pfeijffer. Ga onbevangen lezen, vergeet de negatieve besprekingen in NRC, Trouw en de Volkskrant. Bedenk dat daar redelijk positieve beoordelingen tegenover staan van bijvoorbeeld Bazarow en Tzum. Sowieso is leesgenot een subjectief gegeven.

In de Volkskrant van 16 maart 2024 wordt een lezersonderzoek aangehaald, waaruit blijkt dat 83% van de lezers vooral een boek pakt ter ontspanning. Daarvoor leent Gezinsverpakking zich uitstekend. En als u zo’n vlak-voor-het-slapengaan-lezer bent: ideaal die korte verhalen. Op naar De Omslag!

©Eus Wijnhoven, maart 2024

Paul Beatty – Tuff  € 14,95

Paul Beatty was de eerste Amerikaanse auteur die in 2016 de Man Booker Prize won voor zijn roman The Sellout (2015; in 2016 in het Nederlands vertaald onder de titel De verrader, een titel die de protagonist overigens geen recht doet). Tuff, uit 2000 en in 2001 voor het eerst in het Nederlands vertaald, was zijn tweede roman die in Time Magazine ongeveer werd omschreven als “een uitgesponnen rap song, waarin de karakters het verhaal weergeven van kansloze hiphoppers in de jungle van het East Harlem in de negentiger jaren”. De vertaling werd, wellicht mede door het ontbreken van een plot, geen succes in Nederland. Nadat Beatty de Man Booker had gewonnen, bracht uitgeverij Prometheus in 2017 toch een tweede druk uit. En terecht.

Winston ‘Tuffy’ Foshay groeit op in een gebroken gezin. Vader speelt een actieve (propaganda)rol bij de Black Panthers. Tuffs enorme omvang boezemt ontzag in en in zijn tienerjaren maakt hij naam als ‘onverslaanbaar’. Geld verdienen hij en zijn vrienden met drugshandel en het op bestelling aframmelen van mensen. Tijdens een drugsdeal waar hij aan deelneemt verliest een aantal van zijn vrienden het leven. Aangezien de 22-jarige Tuff inmiddels vader is geworden van zoon Bryce Extraordinaire – roepnaam Jordy – wil hij het roer omgooien, maar hoe? Zijn boezemvriend, de gehandicapte Aziatische moslim Fariq, alias Smush, weet hoe je geld kunt verdienen: door te ‘beleggen’. Vraag echter niet in wat voor een zaakjes. Het onderlinge taalgebruik van de heren laat niets te raden over:

“ ‘Er zijn maar twee wijven die ooit op eigen houtje geld hebben verdiend – Oprah Winfrey en – de naam van dat andere wijf is me even ontschoten. Dat wijf dat de krultang of dat soort shit heeft uitgevonden.’ “ 

De minachting voor vrouwen uit zich met name in het taalgebruik – “ ‘Dus elke film met een vrouw in de hoofdrol is een kutfilm?’ ”. Dat taalgebruik typeert het milieu. Er is nagenoeg uitsluitend sprake van “niggers”, tenslotte zijn er geen andere smaken in de buurt. Charley White telt niet mee. Deze blanke leeftijdgenoot is opgegroeid met de zwarte jongens en wordt als een van hen beschouwd. Alle sociaal ongewenste typeringen worden in het verhaal met voeten getreden, bijvoorbeeld als Fariq over joden zegt, als de zwart-joodse maatschappelijk werker/dominee Spencer Tuff op het goede pad probeert te krijgen:

“ ‘De jood is geen jager die er met een speer op uittrekt, maar een opportunist, een rondcirkelende aasgier, een eieren stelende muskusrat, een glibberige, van ziektekiemen vergeven parasiet.’ ”

Zowaar geen boek voor zwakke zieltjes. En toch: lees door, ga verder! Als geen ander weet Beatty het milieu in de sloppenwijken van New York City te beschrijven. Hoe kansloos het leven ook is in die omgeving, met behulp van Spencer en een Japans-Amerikaanse (nota bene een vrouw!) meldt Tuff zich aan voor de gemeentelijke verkiezingen. Op onorthodoxe wijze gaat hij de strijd aan met gevestigde partijen.

Tuff is een heerlijke schelmenroman, al is het wrang dat de meeste mensen die in dergelijke milieus opgroeien niet anders kunnen dan tot misdaad te vervallen. De plot, als daar al sprake van is, is mager; de enscenering daarentegen is magistraal. Lezen dus!

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier

©Eus Wijnhoven, maart 2024

Daniel Kehlmann – Lichtspel € 24.99

Terwijl hij nog in Wenen studeerde, publiceerde Daniel Kehlmann zijn eerste roman, Beerholms Vorstellung (1997), maar zijn grote doorbraak kwam met Die Vermessung der Welt (Het meten van de wereld, 2005) dat in meer dan veertig landen werd vertaald en meer dan een jaar op nummer 1 in de Duitse bestsellerlijsten stond. Vaak is zijn werk gebaseerd op historische gebeurtenissen of figuren met een filosofische twist. Zo ook het veel geprezen Tijl (2017) over Tijl Uilenspiegel en de Dertigjarige oorlog.

Lichtspel begint met een interview in een veelbekeken talkshow met de vroegere regieassistent van cineast G.W, Pabst, Franz Wilcek. Er is sprake van een film die aan het einde van WO-II ooit gedraaid zou zijn, Der Fall Molander, maar die spoorloos is verdwenen. Voilà, een vleugje crimi is geboren. De inmiddels licht verwarde bijna 100-jarige Wilcek zou eraan hebben meegewerkt. Probeer dan maar eens de waarheid boven tafel te krijgen. Dan keert Kehlmann terug tot deels verifieerbare feiten.

Lichtspel
is gebaseerd op het leven van de Oostenrijkse cineast G.W. Pabst (1885 – 1967). Hij werkte onder andere met Greta Garbo en Lena Riefenstahl. Zijn kassucces met Die Büchse der Pandora (1928), met muze Louise Brooks, droeg bij tot zijn roem, maar bij de intrede van de geluidsfilm en het opkomende nationaalsocialisme vertrok hij met vrouw Trude en zoontje Jakob naar de VS. Ook daar kreeg hij een kans. Hij kon echter onmogelijk werken met de slechte scripts die hem werden aangereikt – vaak in relatie tot westerns – en de middelmatige acteurs die al waren gecontracteerd.

“Wij Duitsers houden niet van paarden.”*

Na de flop van zijn eerste Amerikaanse film, A Modern Hero, krijgt Pabst een aanbod in Parijs te draaien. Als hij echter met zijn gezin in Frankrijk arriveert, blijkt er geen budget meer te zijn, mede het gevolg van de toenemende spanningen in het Europa van de late jaren dertig. Als hij dan ook nog eens bericht krijgt dat de gezondheid van zijn moeder ernstig te wensen overlaat, besluit hij vanuit Frankrijk naar zijn kasteel Dreiturm – een soort herenhuis zonder een enkele toren – te gaan waar hij haar heeft ondergebracht. Iedereen verklaart hem voor gek. Hij zoekt nota bene de oorlog op! Inderdaad sluiten de grenzen vlak nadat zij in Oostenrijk arriveren.

“Maar het is toch mijn moeder!”

En dat terwijl diezelfde moeder Trude niet kan uitstaan en voor rotte vis uitmaakt of erger, en plein publique.

De situatie in Dreiturm blijkt als een blad aan een boom omgedraaid: moeder wordt mishandeld door de huismeester en diens vrouw, toegetreden tot het nationaalsocialisme, en ook het gezin van Pabst wordt binnen een mum van tijd aan machtswellust onderworpen. De man die gewend is de lakens uit te delen, degradeert tot sloof. Gelukkig is echter een contact dat hij in Hollywood heeft opgedaan eveneens teruggekeerd naar het vaderland en luidt zijn redding in. Of is dat slechts schijn? Deze General Electric ingenieur Krämer blijkt een rasechte nationalist die Pabst in contact brengt met het propagandaconglomeraat van Goebbels. Al snel wordt duidelijk dat hij kan kiezen tussen het maken van films of het concentratiekamp.

‘ “Bedenk wat ik u bieden kan,” onderbrak de Minister hem, “bijvoorbeeld het concentratiekamp. Op ieder moment. Geen probleem. Maar dat bedoel ik natuurlijk niet. Ik bedoel: denk u eens in wat ik u ook bieden kan, namelijk alles wat u wilt. Elk benodigd budget, iedere acteur die u wenst. Welke film u ook wilt maken, dat is mogelijk. Maar dat weet u, daarom bent u ook naar mij toegekomen.’ ”

Tja, wat doe je dan… De innerlijke strijd is snel beslecht. Van vrijwilligheid was overigens geen sprake, Pabst werd door Krämer verordonneerd zich te vervoegen bij de Minister, anders zouden de gevolgen voor hemzelf zijn.

In Lichtspel wordt de protagonist onderworpen aan duivelse dilemma’s. Meewerken met die verfoeide nazi’s of kiezen voor goede opvang van zijn moeder en weer films kunnen maken, zich de lof weer laten toewuiven door de bevolking die hem ooit adoreerde? En al met al valt het toch best mee? Als je tussen de regels/scènes kijkt, laat hij duidelijk zijn afkeer van bepaalde ontwikkelingen blijken, toch? Zijn veel jongere Trude denkt daar anders over. Doodongelukkig is zij, ondanks de relatieve weelde waarin zij weer leven. Zoon Jakob, inmiddels middelbare scholier op de Seyß-Inquart Mittelschule, is een verhaal apart.

“Eens was het lichtspel een jaarmarktattractie: jongleurs, boksende kangoeroes, dansende stelletjes, met wandelstokken zwaaiende mannen.”

Kortom: een allegaartje opportunisten. De goegemeente werd door Zacharias Molander, die onderwijl trekharmonica speelde, opgeroepen vooral niets te missen. Met Lichtspel heeft Kehlmann ons, lezers, eveneens een allegaartje voorgespiegeld, maar een van de meer duistere kant. Dit meest recente werk kan zich meten met Die Vermessung der Welt!

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier

©Eus Wijnhoven, februari 2024

Nathan Hill – Welzijn € 29.99

Nathan Hill groeide op in het Midwesten van de VS. Hij werd in een klap beroemd met zijn debuutroman De Nix (2016), een Great American Novel van 650 pagina’s over een schrijver met een writer’s block. Welzijn (2023) is zijn tweede roman.

 Jack Baker en Elizabeth Augustine groeien op onder totaal verschillende omstandigheden. Hij komt van de uitgestrekte prairies in Kansas, het Amerikaanse Midwesten, zij groeit op in, ja, waar eigenlijk… Om de anderhalf tot twee jaar verhuist het gezin Augustine nadat vader de boel op min of meer legale wijze weer eens heeft geflest en de grond hem te heet onder de voeten wordt. Ook de sociaal economische status van Jack en Elizabeth is volstrekt verschillend: het is armoede troef bij hem thuis, terwijl zij opgroeit in ongeziene weelde. Jack wordt te pas en te onpas door zijn moeder als ‘niet snugger’ bestempeld, Elizabeth wordt door haar vader opgehemeld als de meest intelligente persoon van haar generatie. Beiden gaan in Chicago studeren. Ze wonen in een afbraakbuurt en hun ramen worden slechts gescheiden door een smalle steeg. Nadat zij elkaar in 1993 min of meer spontaan ontmoeten, blijkt al snel dat ze een ding wél gemeen hebben: beiden proberen afstand te nemen van hun verleden.

De twee trouwen en krijgen een zoontje, Toby. Jack is kunstenaar en parttime docent, Elizabeth werkt als psycholoog voor een welzijnsorganisatie, Wellness. Die organisatie probeert te bewijzen dat het placebo-effect bij allerlei moderne kwaaltjes even functioneel is als een dure ‘medische’ behandeling. Met zijn abstracte foto’s produceert Jack niets en schrijft Elizabeth niks voor, aldus de partner van Elizabeths vriendin Kate. De Bakers kunnen amper rondkomen, maar gelukkig heeft Elizabeth wat geld apart gezet. Dankzij dat spaartegoed kunnen zij zich inschrijven voor hun ‘huis-voor-het-leven’ dat gerealiseerd moet worden in een oud fabriekscomplex. Toby ondertussen gedraagt zich compleet onhandelbaar. Elizabeth pluist allerlei relevante wetenschappelijke literatuur door – achterin het boek is een lijst opgenomen van bestaande wetenschappelijke artikelen in dezen – om een zo goed mogelijke opvoeder te kunnen zijn, terwijl Jack nauwelijks in de gaten heeft hoe de dynamiek in hun gezin verandert. Ook de gedachte van het huwelijk als een U-bocht – volgens Elizabeth bevindt het zich nu op het laagste punt – is hem totaal vreemd. De leidinggevende van haar laboratorium, professor Sanborne, legt Elizabeth haarfijn uit wat de betekenis van een huwelijk is:

“Het huwelijk, lieverd, is een toestand waarbij je zoveel kwaliteit bij een ander aantreft die je zelf wilt hebben dat je bereid bent hun gebreken over te nemen, die daardoor, bij uitbreiding, ook deel zullen uitmaken van jou, voor altijd.”

Jacks oudere zus Evelyn had hem het huwelijk ooit anders beschreven: “Immens en monotoon. Dat is kort samengevat het huwelijk.”

Welzijn is een ingenieus gecomponeerde roman over het wel en wee in een huwelijk en het jezelf hervinden onder veranderde omstandigheden. Soms is het te uitgesponnen, zoals bijvoorbeeld de familiegeschiedenis van de Augustines of de zeven algoritmes in De behoeftige gebruikers, waarin de werking van facebook tot in detail wordt beschreven. Blijft staan dat Hill met Welzijn weer een prachtige roman heeft geschreven.

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier

©Eus Wijnhoven, februari 2024

Mohamed Mbougar Sarr – De diepst verborgen herinnering van de mens

Op drieëntwintigjarige leeftijd debuteerde de Franstalige romanschrijver Mbougar Sarr uit Senegal. Zijn vijfde boek, De diepst verborgen herinnering, werd een succes. Hij won er de Prix Concourt mee.

Diégane Latyr Faye, een jonge student uit Senegal die studeert in Parijs, leest Handboek van de negerliteratuur. Daarin ontdekt hij Het labyrint der onmenselijkheid (uit 1938) van ene T.C. Elimane. Het verandert zijn leven, ondanks het feit dat het in enige vorm aanschurkt tegen plagiaat. De roman raakt de drieëntwintigjarige dusdanig dat hij zijn doctoraalstudie staakt en zich volledig richt op de zoektocht naar dat wonderlijke boek van Elimane en vooral een mogelijk vervolg op dat boek.

“ (vriend) Musimbwa zei: ‘Ik begrijp nu dat je, in je speurtocht naar het vervolg van het boek, in feite op zoek denkt te zijn naar het wezen van de literatuur.’ ”

Die literatuur speelt een belangrijke rol in het verhaal. Via met name zijn (seksuele) relatie met de zestigjarige dichteres Siga D. komt Faye steeds meer te weten over Elimane, “Het meest geslaagde en tragische product van de kolonisatie.” Exemplaren van Het labyrint zijn nergens meer te vinden, maar Siga schenkt hem een exemplaar. Haar vader blijkt een connectie te hebben met Elimane. Via Siga leert Faye andere mensen kennen die een meer of minder hechte relatie met Elimane hebben ervaren. Langzaam maar zeker ontrolt Mbougar Sarr het verhaal, ontvouwt hij de mythe van de tovenaar Elimane. De diepst verborgen herinnering van de mens ontsluit zich via meerdere verhalen binnen een verhaal. “De literatuur neemt bezit van je, maar is ook zelf bezeten.” Deze duiding zal Paul Auster bekoren.

Maar wat als Elimane eenmaal door Faye wordt gevonden? Sarr laat de protagonist op zoek gaan, waarbij hij zelfs in Argentinië belandt. Uiteindelijk beseft Elimane wat de literatuur voor hem betekent:

“De literatuur is een verdacht doodskistzwart en glimmend, maar het is mogelijk dat er helemaal geen lijk in ligt.”

Kortom: de literatuur heeft afgedaan. De diepst verborgen herinnering van de mens is een prachtig verhaal, al laat de auteur zich soms verleiden tot mooischrijverij. Zinnen van meer dan twee pagina’s zijn in het eerste deel geen uitzondering. Dat stoort, al maakt hij het daarna goed. De diepst verborgen herinnering van de mens is een verhaal waarin literatuur, politiek, overleveringen en relaties de hoofdbestanddelen vormen. Lezen!

Wilt u deze titel bestellen? Klik dan hier

©Eus Wijnhoven, februari 2024